Skip to main content

Melanie Raabe Welke schrijver droomt er niet van? Je schrijft een boek, het wordt gepubliceerd en het verschijnt meteen al in meer dan 15 landen en niet alleen dat, de filmrechten van het boek worden meteen verkocht aan een grote Hollywoodstudio. Het overkwam Melanie Raabe met haar boek De Val. In De Val maakt de lezer kennis met Linda Conrads, een bestsellerauteur die al elf jaar haar villa niet heeft verlaten. Linda heeft zichzelf opgesloten nadat ze getuige was van de moord op haar zus, een traumatische gebeurtenis waarvan ze nooit is hersteld. De schok is dan ook des te groter als ze tijdens een televisie-uitzending het gezicht van de moordenaar van haar zus herkent, die destijds nooit is gepakt. Hij blijkt een tv-journalist te zijn. Linda kan echter het huis niet uit om hem aan te geven en ze besluit dan ook een boek te schrijven waarin ze precies uiteenzet hoe de moord heeft plaatsgevonden in de hoop hem naar haar huis te lokken en hem een bekentenis af te dwingen. Dat wil ze doen door hem uit te nodigen voor een interview dat ze naar aanleiding van de publicatie van het boek geeft. Ik ontmoet Melanie in het Ambassade Hotel aan de Heerengracht in Amsterdam en vraag haar allereerst of ze al eens eerder in deze stad is geweest. Ze is meteen vol enthousiasme. 'Ja, ik ben hier al een paar keer eerder geweest. Toen ik vanochtend in de trein zat onderweg van Keulen naar Amsterdam bedacht ik me nog dat ik hier echt vaker zou moeten komen. Het is eigenlijk maar zo'n korte treinrit. Ik ben om negen uur in de trein gestapt en ik stapte net iets na elf uur al weer uit. Het is zo dichtbij en het is zo'n fantastisch mooie stad. Soms vraag ik me wel eens af waarom ik nog steeds in Keulen woon. Het is daar echt niet zo mooi als hier. Natuurlijk, Keulen heeft een prachtige kathedraal, maar verder is er echt niet zo veel te zien. Ik zou zo maar een paar maanden in Amsterdam kunnen wonen en schrijven. Wie weet ga ik dat ooit nog wel eens doen.'

Ik geef toe dat Amsterdam er vooral 's avonds mooi uitziet met al die grachten, maar Keulen vind ik toch ook wel een prachtige stad, hoor. Het is een mooie stad op het tweede gezicht, een stad die bovendien een bepaalde vibe heeft.

Haha, dat is erg aardig van je. Ik hou ook zeker wel van de stad en het is een fijne plek om te wonen, maar de schoonheid van Amsterdam is toch wel van een andere categorie.

Je bent nu in Amsterdam om je boek De Val te promoten. Dat is toch wel een wonderlijk verhaal. Het is amper uit en het is al naar vijftien landen geëxporteerd.

Twintig inmiddels.

Poeh. Het is moeilijk om de actuele stand bij te houden.

Ja, voor mij is het ook moeilijk om het allemaal bij te houden.

Heb je een verklaring voor dit enorme succes?

k heb eigenlijk gewoon geen flauw idee. Dit is mijn eerste manuscript dat werd gepubliceerd, maar ik schrijf al veel langer. Ik heb hiervoor aan vier andere manuscripten gewerkt, die geen van allen zijn gepubliceerd. Ik ben vaak gevraagd wat ik ten opzichte van die vorige manuscripten dit keer anders heb gedaan, maar daar heb ik geen antwoord op. Het banale is dat ik waarschijnlijk gewoon geluk heb gehad. Er is geen formule die je kunt volgen om succes te hebben. Het idee voor deze roman kreeg ik toen ik over een schrijver hoorde die zichzelf had opgesloten in huis en met dat beeld voor ogen ben ik wat in mijn gedachten gaan spelen. Een schrijver die zichzelf opsluit in huis zou een interessante protagonist kunnen opleveren, dacht ik. Vervolgens begon ik na te denken over vragen als waarom ze het huis niet verliet en wat er voor nodig zou zijn om haar toch het huis te doen verlaten. Daaruit groeide als het ware het verhaal, maar ik heb dus geen idee waarom zoveel mensen zo veel van dit verhaal houden. Misschien is dat ook wel omdat ik niet met voldoende afstand naar mijn eigen boek kan kijken, het is in elk geval niet hetzelfde als wanneer ik als lezer naar het boek van een andere schrijver kijk. Ik ben natuurlijk wel super blij met alle aandacht die het boek krijgt.

k kan me voorstellen dat je net zo goed na die eerste vier geweigerde manuscripten had kunnen denken: Ik geef het op. Toch had je kennelijk nog de motivatie om een vijfde manuscript te schrijven. Had je het gevoel dat dit verhaal perse verteld moest worden?

Dat ook, maar ik vind het vooral gewoon heerlijk om te schrijven. Het is de manier waarop ik me het liefste uitdruk en de wereld en het leven om me heen voor mezelf verklaar. Ik heb er wel eens over gedacht om geen manuscripten meer aan uitgevers aan te bieden, maar ik heb werkelijk nooit overwogen om te stoppen met schrijven. Mijn vierde boek dat uiteindelijk niet werd gepubliceerd trok wel de aandacht van enkele uitgevers, maar men vond het te apart om het te kunnen publiceren. Toch vond men het interessant genoeg om me een voorstel te doen. Als ik een synopsis en de eerste twintig pagina's van een volgend boek aan zou kunnen bieden dat voldoende interessant zou zijn dan zat er wellicht alsnog een uitgeefcontract in. En dat gebeurde dus.

Is er een kans dat de eerste vier manuscripten ooit nog een weg naar het publiek zullen vinden?

Nee, dat lijkt me onwaarschijnlijk. Van de vier manuscripten die niet zijn gepubliceerd ligt het vierde me overigens het meeste na aan het hart. Na enige tijd realiseer je je echter dat je met het schrijven van elk nieuw boek weer iets bijleert en dat je als schrijver ook steeds beter wordt. Als het vierde manuscript alsnog zou worden gepubliceerd dan zou dat denk ik toch kwalitatief gezien een stap terug zijn ten opzichte van De Val. Een andere reden is dat ik er enorm van hou om te schrijven en telkens met een nieuw project bezig te zijn. In Duitsland wordt De Val uitgegeven in een hardcover versie. Hardcover boeken komen daar gemiddeld eens in het anderhalf jaar uit en dat zou voor mij echt een te lange tijdsspanne zijn om op een boek te wachten dat ik lang geleden al eens heb geschreven. Ik wil telkens nieuwe ideeën realiseren. Ik heb alweer zoveel nieuwe ideeën voor verschillende boeken.

Dat doet me denken aan een interview met een auteur van wie aanvankelijk meer dan twintig manuscripten waren afgewezen. Daarop terugkijkende was hij daar erg dankbaar voor.

Toentertijd realiseerde ik me dat natuurlijk nog niet, maar het feit dat de eerste manuscripten werden afgewezen zijn toch wel een blessing in disguise geweest. Niet dat ze nou zo slecht waren, maar ik denk dat het het beste is als je debuteert met een boek dat meteen een impact heeft en indruk maakt op de lezers. Dan sta je meteen op de kaart. Op het moment dat mijn manuscripten werden afgewezen was ik er echter best verdrietig om. Ik heb menig traantje gelaten. Overigens zegt ze dat laatste met een gulle lach.

Er komen aardig wat interessante elementen voor in het verhaal van De Val. Het speelt zich in de eerste plaats natuurlijk af in een beperkte ruimte, dan is er ook nog een interview tussen de hoofdpersoon en de veronderstelde moordenaar en er is het boek in het boek. Alles bij elkaar vond ik dat een interessante mix. Wist je meteen al dat je het verhaal op die manier aan zou pakken?

Dat is eigenlijk heel organisch zo gegroeid. Mijn uitgangspunt is altijd de hoofdpersoon geweest. Ik wist dat haar iets traumatisch was overkomen waardoor ze zich al jarenlang had opgesloten in haar eigen huis. Het tweede idee dat daar snel achteraan kwam was dat ze een val zou zetten voor degene die verantwoordelijk was voor haar trauma. Toen ik daar mee bezig was werd ik al snel gegrepen door de hoofdpersoon die zo kwetsbaar is en die alleen haar schrijverstalenten als wapen in kon zetten. Omdat ik natuurlijk zelf een schrijver ben sprak me dat enorm aan. Het gaat in De Val eigenlijk over de kracht van het verhaal en daar geloof ik als schrijver enorm in. Ik was gek op de verhalen die mijn grootmoeder me vroeger vertelde, maar ook de huidige verhalen van vluchtelingen hebben een enorme impact op me. Dat is hoe het idee van het boek in een boek ontstond. Aanvankelijk dacht ik erover om via flashbacks het verleden van de hoofdpersoon uit de doeken te doen, maar later besloot ik dat het boek een interessanter middel daartoe was. Een boek is subjectief, het wordt verteld vanuit het standpunt van de schrijver en als lezer moet je dus constant voor je zelf uitmaken of je de hoofdpersoon eigenlijk nog wel kunt geloven. Het interview in het boek is eigenlijk vooral toevalligerwijs in het boek terecht gekomen. Ik ben dol op interviews en ik neem ze vaak zelf ook af als journalist. Ik heb interviews altijd als mijn specialiteit beschouwd en ik hou ook een blog bij waarop ik mijn interviews met celebrities en gewone mensen met buitengewone verhalen plaats. De eerste titel voor het boek was ook Het Interview, omdat dat eigenlijk het hart van het verhaal is. Twee mensen die de hele tijd met elkaar in gesprek zijn, maar eigenlijk iets anders zeggen dan wat ze werkelijk bedoelen. Ik denk dat de meeste gesprekken die we in het dagelijks leven voeren ook zo zijn en ik wilde daar in De Val mee experimenteren. Zo groeide dus als het ware de structuur van het boek. Ik had niet meteen van tevoren de structuur van het boek al helemaal in mijn hoofd, maar ik zocht naar een geschikte manier om het verhaal van de hoofdpersoon te vertellen.

In het begin ben je als lezer inderdaad erg geneigd om met Linda mee te gaan, maar later krijg je twijfels over haar geloofwaardigheid. Wist je zelf als schrijver al meteen hoe het verhaal zou eindigen of kwam dat pas tijdens het schrijfproces?

Ik wist meteen al aan het begin hoe De Val zou eindigen. Dat was ook heel duidelijk in de synopsis van het verhaal dat ik aan mijn uitgever aanbood. Het was eigenlijk ook helemaal niet de bedoeling dat er zoveel twijfels over de geloofwaardigheid van Linda zouden ontstaan. Dat element kroop er eigenlijk pas in toen ik bezig was het boek zelf te schrijven. De eerste schets van het verhaal was eigenlijk heel simpel. Slaagt Linda er in de moordenaar van haar zus te ontmaskeren en slaagt ze er in deze ontmoeting heelhuids te doorstaan? Toen ik echter eenmaal begon met schrijven besloot ik dat het nog veel interessanter zou zijn om helemaal in haar hoofd te kruipen en haar onzekerheden over de identiteit van de moordenaar uit te vergroten. Ik denk dat dit laatste het enorme succes van De Val zou kunnen verklaren. In gesprekken met een aantal van mijn lezers kwam ik er achter dat dit hun interesse in elk geval het meest had geprikkeld.

Je hebt naast het schrijven van manuscripten voor romans ook korte verhalen geschreven.

Ik heb er meerdere geschreven, maar daarvan is slechts een gepubliceerd.

Waarvoor je wel meteen een prijs hebt gepakt.

Ja, dat was ontzettend cool.

Heb je ooit overwogen om meer korte verhalen te schrijven?

Nee, dat heb ik niet. Ik sta nogal ambivalent ten opzichte van korte verhalen. Ik heb een heleboel ideeën op mijn laptop staan die zowel geschikt zouden kunnen zijn voor romans als voor korte verhalen. Mijn beste ideeën blijken echter altijd het meest geschikt voor een roman. Ik vind het ontzettend moeilijk om een echt goed kort verhaal te schrijven dat een bevredigend einde kent. Als er sprake is van een boeiend verhaal en aansprekende personages dan wil ik niet dat het verhaal te vroeg eindigt. Dan wil ik juist dat het nog een tijdje doorgaat. Ik hou van complexe verhalen met een brede horizon en mijn ideeën lenen zich gewoon niet zo goed voor een kort verhaal. Ik denk  niet dat ik de juiste schrijver daarvoor ben. Het is echt een heel andere discipline en dat ik een kort verhaal heb geschreven dat dan net in de prijzen viel was echt stom toeval.

Heeft jouw achtergrond als journalist nog geholpen bij het schrijven van De Val?

k heb altijd geschreven, heb ook verschillende genres uitgeprobeerd. Ik heb vooral gedichten geschreven in mijn tienertijd. Die waren echt verschrikkelijk en ik hoop dat niemand ze ooit te zien krijgt. Ik hou er van om te experimenteren en met teksten te spelen. Ik heb daardoor veel manuscripten op mijn laptop staan die nooit zijn voltooid. En een journalistieke achtergrond helpt natuurlijk zeker wanneer je research moet doen voor een verhaal of roman.

Toch wel fascinerend hoor, je schrijft vier manuscripten die geen van allen zijn gepubliceerd en de vijfde die dan wel wordt gepubliceerd, wordt dan opeens een enorme hit. Verder publiceer je een kort verhaal en die krijgt meteen een prijs.  

k heb duidelijk veel geluk gehad. Niemand was zo verbaasd over het succes van De Val als ik. Ik kan me nog bijzonder goed herinneren dat ik op de boekenbeurs van Frankfurt was op het moment dat De Val nog niet eens was gepubliceerd en dat een buitenlandse uitgever zich geïnteresseerd in het boek toonde. Het was Cargo, mijn Nederlandse uitgever die later mijn boek uit zou geven. De Nederlanders hebben dus de trend naar het buitenland ingezet. Ik was destijds echt uitgelaten. Ik kon er maar niet bij dat mijn boek niet alleen gepubliceerd zou worden, maar ook nog eens vertaald zou worden in een andere taal. Op papier klinkt het natuurlijk allemaal mooi en als je mijn biografie leest dan is het net alsof ik een soort van wunderkind ben. De papieren werkelijkheid is echter anders dan de echte werkelijkheid en die is dat ik gewoon jarenlang heb geschreven en dat het succes me dan ook zeker niet zo maar aan is komen waaien.

Het scheelt natuurlijk dat je het schrijven zo ontzettend leuk vindt, want het is toch ook veel en hard werk.

Voor mij voelt schrijven totaal niet als werk. Ik vind het superleuk om te doen en ik voel me eigenlijk een beetje schuldig omdat ik nu zes maanden aan mijn volgende roman heb gewerkt en dat helemaal nooit als werk heb ervaren. Het is een hobby waar ik geld voor krijg en daardoor heb ik telkens het gevoel dat ik eigenlijk gewoon weer eens echt aan het werk moet gaan.

Dat klinkt als het perfecte leven.

Dat is het zeker.

Linda is een echte kluizenaar die al twaalf jaar alleen in haar huis woont en alleen bezoek van haar hulp in de huishouding krijgt. Het lijkt me dat er dan weinig afleidingen bij het schrijven zijn, maar hoe is dat eigenlijk voor jou?

Het eerste dat ik doe als ik ga schrijven is het internet uitschakelen, zodat ik in elk geval niet langer mijn twitter en facebook accounts kan controleren. Ik maak gebruik van een app die me regelmatig een paar uur afsluit van het internet. Hoewel ik een bijzonder sociaal persoon ben en iemand die graag onder de mensen is, kan ik me prima een dag in mijn flat opsluiten en een hele dag schrijven. Alleen al het idee om in de ochtend op te staan met het vooruitzicht dat ik de hele dag aan een verhaal kan werken, vervult me met blijdschap. Als ik dan in een schrijfflow terecht kom dan vliegen de uren echt voor mij voorbij. Als ik dan op de klok kijk dan schrik ik er soms van hoeveel tijd er al is verstreken.

Toch kan ik me zo voorstellen dat er momenten zullen zijn waarop je je afvraagt wat je in hemelsnaam aan het doen bent en dat je even helemaal het overzicht kwijtraakt van wat je aan het doen bent.

Oh, dat gebeurt zeker zo af en toe, maar het is belangrijk om daar niet al te gestrest van te raken. Ik heb ook wel eens mijn slechte dagen net als ieder ander, maar als ik het idee heb dat ik vast loop dan begin ik gewoon aan een heel ander gedeelte van een manuscript. Het gebeurt maar zelden dat ik volstrekt chronologisch werk. En als het schrijven gewoon echt niet lukt dan ga ik bijvoorbeeld wat research doen. Of ik ga naar vrienden om even mijn gedachten te kunnen verzetten. Ik probeer er vooral niet te zwaar aan te tillen als het schrijfproces eens niet zo soepel verloopt als ik zou willen. Ik wil vooral niet gebukt gaan onder de verwachtingen van anderen en al  helemaal niet onder die van mijzelf. Ik probeer het hele proces zo lichtvoetig mogelijk te houden, omdat ik het erg belangrijk vind dat het verhaal zo organisch mogelijk groeit. Ik denk dat de verhalen die ik schrijf dat ook nodig hebben.

Aan de andere kant heb je zojuist aangegeven dat je toch ook van te voren al een synopsis hebt ingeleverd bij je uitgever. Het verhaal en het einde stonden dus al behoorlijk vast. Hoe gaat dat samen met het organische schrijven waar je het zonet over had?

Voor mij werkt dat helemaal prima. Ik heb een redacteur aan wie ik de synopsis van De Val heb gegeven en die precies weet hoe ik werk. Zij weet ook dat ik de vrijheid neem als me iets binnenvalt dat afwijkt van het oorspronkelijke verhaal, maar dat voor mij beter werkt. Daar doet ze absoluut niet moeilijk over. Als ik een heel grote aanpassing maak aan het verhaal dan informeer ik haar uiteraard, maar ook daar zal ze niet moeilijk over doen. Ik ben de schrijver en ik bepaal het verhaal. Dat is ook altijd haar uitgangspunt geweest. Je hebt globaal genomen twee soorten schrijvers. Degenen die een plan maken zichzelf daar strikt aan houden en degenen die compleet vrij zijn in wat ze schrijven. Ik zit daar denk ik ergens tussenin. Ik maak een opzet zodat ik me zeker voel over het onderwerp waarover ik schrijf en daarna doe ik ermee wat ik op dat moment wil.

Zo'n vangnet moet inderdaad handig zijn. Als het even niet wil of als een writers block op de loer ligt, weet je toch waar je heen moet.

Voor mij is het helemaal perfect, ik heb niet de breinkracht om alles van tevoren helemaal in mijn hoofd uit te stippelen. Het zou aanvoelen als een blind date met mijn eigen personages, omdat ik mijn personages dan pas leer kennen door over ze te schrijven. Ik vind het echter fijn om mezelf ook af en toe te verrassen. Soms heb ik aan het einde van de dag aangekomen echt het idee: wouw, heb ik dat vandaag echt allemaal geschreven?

Heb je veel tekst geschrapt voor De Val?

Nee. Het schrijven van De Val ging me bijzonder gemakkelijk af. Zo gemakkelijk zelfs dat ik me ook daarover schuldig begon te voelen. Ik had altijd het idee dat schrijven een stuk moeizamer zou moeten gaan, dat er veel geschrapt en herschreven zou moeten worden, maar dat bleek bij mij dus helemaal niet het geval te zijn. Ik denk dat het voor mij vooral zo gemakkelijk was omdat ik het karakter van Linda zo goed begreep.

Waarom was het eigenlijk zo gemakkelijk om over Linda te schrijven? Je zei eerder in het interview dat je zelf een heel sociaal persoon bent terwijl Linda dat als gevolg van haar verleden totaal niet is.

Dat is zeker waar, maar toch staat ze - afgezien van haar isolement - niet zo ver van me af. Ik heb veel van mijn eigen persoonlijkheid in haar gestopt. Haar liefde voor de natuur, hoe ze bepaalde dingen benadert, sommige van haar angsten en hoe ze daarmee omgaat. Daar zit zeker een stukje van mezelf in. Daardoor merkte ik dat ik het gemakkelijker vond om me in haar positie te verplaatsen.

En dan is er nog een ongelooflijk aardige hond in De Val.

Melanie wordt meteen enthousiast en roept: Bukowski!

Is dat gewoon toeval of ben je een fan van de schrijver?

Ja, ik ben zeker een liefhebber. Daarnaast wilde ik dat de hond als een echt karakter zou aanvoelen en dat hij de naam van een auteur zou krijgen. Dat werd dus Bukowski. Het moest een kleine, wilde en een beetje vreemde hond zijn. Er wordt wel eens gezegd dat honden soms erg op hun baasje lijken, ook qua fysiek. Het beeld dat ik van de hond kreeg vond ik erg bij de schrijver passen. Een beetje shabby en een beetje wild. Hetzelfde heb ik trouwens ook gedaan bij het boek in het boek. Daar heet de hond Kafka.

Heb je nog andere favoriete schrijvers?

Er zijn er zo veel die ik zou kunnen noemen, maar mijn alltime favourite is toch wel Jonathan Saffran Foer.

Kun je al iets over je volgende roman vertellen?

Een klein beetje. Het is wederom een psychologische thriller met een vrouwelijke hoofdrolspeler. Ze komt in een moeilijke en gevaarlijke positie terecht en niemand gelooft haar. Ze zal moeten vechten voor haar toekomst en datgene waarvoor ze staat.

Nu De Val zo'n groot succes blijkt te zijn, kan ik me voorstellen dat je misschien wat extra druk voelt bij het schrijven van het volgende boek.

Ik heb geen enkele druk gevoeld, omdat schrijven zo'n ontzettend ingesleten routine voor me is. In de ochtend ga ik aan mijn bureau zitten en voer een aantal dagelijkse rituelen uit. Ik neem iets warms te drinken, zet een muziekje op en begin te schrijven. Het enige moment waarop ik misschien wat druk voel is vlak voor de verschijningsdatum van de nieuwe roman. Je weet natuurlijk nooit wat mensen er van gaan vinden. Eigenlijk is het iets geks, want hoe een boek door het publiek wordt ontvangen zegt op zich niks over de kwaliteit van het boek. Het eerste wat ik deed om mezelf te wapenen tegen negatieve recensies toen De Val uitkwam, was naar Amazon surfen en een van mijn favoriete boeken opzoeken. Ik selecteerde alle 1 ster beoordelingen en nam ze allen door. Er zullen altijd haters zijn die de meest fantastische boeken afbranden.

De Val is inmiddels verkocht aan een filmstudio en wordt bewerkt voor een film. Ben je hier op enige manier bij betrokken geweest?

Dat was zo ontzettend opwindend en het is allemaal zo snel gegaan. Helemaal als je in aanmerking neemt dat Hollywoodstudio's normaliter niet zo snel boeken kopen van Duitse schrijvers die nog onbekend zijn. Het boek werd door mijn uitgever ingezonden bij de Berlinale, het Berlijnse filmfestival. Het boek trok daar meteen veel belangstelling. Ik denk dat dit vooral kwam door een boekdeal met Engeland en Amerika, waardoor een artikel over het boek in de Publishers Weekly verscheen. Dat is een blad dat door veel Hollywood producers wordt gelezen. Ik kreeg naar aanleiding van dat artikel al veel mails van Hollywoodproducers. Aanvankelijk dat ik dat het spam was, ik kon me niet voorstellen dat er serieus mensen uit Los Angeles interesse zouden tonen in mijn boek. Mijn Duitse uitgever heeft vervolgens een keuze gemaakt uit de verschillende geïnteresseerde partijen en zo zijn we bij Tristar uitgekomen. Die studio heeft een screenwriter in de arm genomen die zeer recentelijk nog werd genomineerd voor een Academy Award voor de film Carol met onder andere Cate Blanchett.

Is het schrijven van screenplays iets dat je zelf ooit hebt overwogen? Of was je dankbaar dat iemand anders de taak op zich heeft genomen om het boek te bewerken voor film?

Ik ben gevraagd of ik interesse had, maar ik zei: Nee, onder geen enkel beding. Ik denk dat iedereen daar behoorlijk opgelucht over was. Het zou me ook helemaal niet hebben gelegen. Als romanschrijver kun je min of meer doen en laten wat je wilt. Als screenwriter werk je veel meer in teamverband en komen allerlei factoren mee te spelen, zoals productiekosten, acteurs en ego's. Een screenplay is nooit helemaal van jezelf. De regisseur, de producer en de acteurs kunnen er ook nog iets over te zeggen hebben en je zult waarschijnlijk veel meer moeten herschrijven.

Hoe lang heb je er eigenlijk over gedaan om De Val te schrijven?

Ik heb het manuscript aan mijn uitgever verkocht nadat ik de eerste twintig pagina's had geschreven en dat was in februari 2015. Ergens in juli of augustus van dat jaar heb ik het volledige manuscript ingezonden. Ik heb er dus ongeveer een half haar over gedaan. Het moest tamelijk snel gebeuren aangezien de publicatiedatum van tevoren al was vastgesteld. Daarna heb ik echter hier en daar nog wel wat veranderingen aangebracht. Het hele schrijfproces zal dan tussen de zes en negen maanden hebben geduurd.

Heb je tijdens het schrijven om feedback gevraagd?

Veel schrijvers vinden het erg vreemd dat ik dat dus niet doe. Pas als ik helemaal klaar ben met mijn manuscript, stuur ik het naar mijn uitgever. Ik heb daarover vragen gehad als: maar ben je dan helemaal niet bang dat je ondertussen al die tijd bagger hebt geschreven en dat je dat niet ziet? Ik antwoord dan dat ik natuurlijk wel mijn onzekerheden heb vlak voordat ik het manuscript toestuur, maar dat ik tijdens het schrijven geen meningen kan gebruiken. Ik raak er alleen maar nog onzekerder van. Bovendien hou ik ervan om te spelen met mijn manuscript en dingen telkens weer te veranderen of terug te grijpen naar eerdere versies van het manuscript. Als ik klaar ben met mijn manuscript en ik het naar de uitgever heb gezonden sta ik echter open voor elke discussie. Ik ben dan ook veel zekerder van mijn zaak. Ik weet welke zaken er dan nog eventueel geschrapt of aangepast kunnen worden zonder dat de kern van het verhaal verloren gaat. Dat zou ik niet hebben als ik zelf nog in het creatieve proces bezig ben.

Als je klaar bent met een boek heb je dan enige tijd nodig om je hoofd leeg te maken voordat je met een volgend project begint?

Nee, nee, ik wil altijd meteen verder gaan met schrijven. Ik ben zeer ongelukkig als ik niet kan schrijven. Er is natuurlijk altijd wel een bepaalde periode tussen twee boeken in om een nieuw verhaal te bedenken en dat aan de uitgever voor te leggen, maar ik probeer die periode zo kort mogelijk te houden. En als ik niet aan een roman werk, dan werk ik sowieso altijd aan iets anders. Dat kunnen korte verhalen zijn of losse gedachten die zomaar in mijn hoofd opkomen.

Doe je nog iets anders naast het schrijven? Volgens je biografie ben je ook nog journalist.

Dat heb ik momenteel on hold gezet. Ik was een freelancer. Ik hoefde dus geen baan op te zeggen. Misschien dat ik het freelance werk ooit weer eens oppak, maar ik heb nu genoeg ideeën in mijn hoofd om nog meerdere boeken te schrijven.

Het moet fijn zijn om nooit zonder ideeën te zitten.

Het is gewoon geweldig om te schrijven en het voelt helemaal niet als werk, dus hoewel ik altijd bezig ben beschouw ik mezelf zeker niet als een workaholic. Als je te lang niet schrijft dan wordt het ook moeilijker om de pen weer op te pakken. Dan zie je ook opeens veel meer de enorme afstand die je moet overbruggen. Dan begin je jezelf te realiseren dat je een roman moet schrijven of nog aan het schrijven bent en dat lijkt dan een onmogelijke opgave, een gekkenwerk zelfs.

Het is voor jou dus noodzakelijk om in die flow te blijven?

Ja, ik blijf door hameren op mijn toetsenbord. Er is altijd die achterliggende angst voor die lege pagina en dat het dan opeens stokt. Als je constant blijft schrijven dan blijven je pennen in elk geval scherp.

Hoe vind je het eigenlijk om over je boek te praten?

Het is heel maf, maar ook heel leuk. Ik besteed ten slotte de meeste tijd van mijn leven aan het schrijven van een boek en dan is het fijn om contact te hebben met mijn lezers en te horen wat ze er van hebben gevonden. Toch was ik aanvankelijk ook wel nerveus, omdat ik vanuit mijn journalistieke achtergrond degene ben die normaliter de vragen stel. Verder ben ik altijd een beetje bang dat ik niet zo veel bijzonders te zeggen heb en dat ik de saaiste persoon op aarde ben. Maar goed, ik denk dat er heel mensen zijn die zo denken. Gelukkig hou ik ervan om nieuwe mensen te ontmoeten en met ze te praten. Aan het einde van de dag weet ik echter dat ik weer de deur van mijn appartement achter me dicht zal trekken en mijn laptop op zal starten om aan een verhaal of roman te werken.

Image
Thrill-Zone-2 logo.png
Redactie

Add new comment

Plain text

  • No HTML tags allowed.
  • Lines and paragraphs break automatically.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.