Overslaan en naar de inhoud gaan
Afbeelding
De omslag afbeelding van het boek De Mitford moorden: Diana
Auteur(s) Jessica Fellowes
Uitgeverij(en) Volt
Jaar van uitgave
Thrillzone score
3
Review date 21 januari 2021
Categories Thriller
Deel deze recensie

Jessica Fellowes heeft met haar derde boek in de reeks De Mitford moorden geprobeerd om geschiedkundige feiten omtrent Diana Mitford samen te voegen met fictieve elementen. In de eerste twee delen van haar serie, die uiteindelijk in zes delen zal uitmonden, hebben Nancy en Pamela al hun deel gehad. De andere zussen volgen nog.

Diana Mitford is tijdens de Tweede Wereldoorlog de meest gehate vrouw in Engeland en dat met name om haar huwelijk met de leider van de British Union of Fascists en haar niet aflatende bewondering voor het nazisme. Maar uitgerekend dit deel van haar leven komt niet aan bod in De Mitford moorden: Diana van Jessica Fellowes. Haar verhaal begint in 1928 en eindigt in 1932 en juist daar zit de zwakte van dit verhaal. De tijdspanne waarin drie moorden worden gepleegd is te lang en zeker niet adequaat behandeld. Zo eindigt een hoofdstuk met een moord en direct daarop springt zij naar 2 jaar verder in de tijd. Zoals ook in de eerste twee boeken, worden de verhalen om het personage Louisa Cannon geschreven. In Diana speelt ze weer een prominente rol en lijkt het alsof ze telkens in vrij mysterieuze moorden wordt getrokken. Dat begint in het derde deel wat geforceerd over te komen.

Fellowes moet een kunststukje uithalen om de moorden die in een periode van drie jaren plaatsvinden, aan elkaar te kunnen knopen en dat gaat haar jammer genoeg niet zo goed af. Tijdens een feest van de rijke Guinness-familie in 1928 komt een van de bediendes door een val om het leven. De gebeurtenis wordt al snel afgeschreven als een tragisch ongeluk. Onder de aanwezigen bevindt zich ook Diana Mitford, van wie erfgenaam Bryan Guinness de afgelopen maanden erg gecharmeerd is geraakt.

Niet lang daarna vraagt hij haar ten huwelijk en in de jaren die volgen reist het stel een groot deel van Europa door, van Parijs tot Venetië en Berlijn. Een groep vrienden en familie reist met hen mee, evenals Louisa Cannon, dia als dienstmeisje Diana vergezelt. Als er meer mensen uit de kring rondom Diana en Bryan overlijden, begint Louisa te vermoeden dat de verschillende sterfgevallen met elkaar in verband staan en dat er misschien een moordenaar in het midden is.

Louisa Cannon is de smeerolie waarop de verhalen in de reeks draaien. Zij en haar aantrekkingskracht op de meest bijzondere moorden waar ze bij betrokken wordt en haar langeafstandsverhouding met Sergeant Guy Sullivan zijn de constanten in de verhalen. Louisa is nu net juist niet het prototype van de dienstmeid die men door de bank genomen omschrijft. Ze is intelligent en weet donders goed tot hoever zij haar tentakels kan uitsteken richting de adel waar ze dienst voor doet.

Aan het einde van Diana geeft Jessica Fellowes de lezers een naschrift/historische noot mee over de gebeurtenissen die zij in dit deel als kader meeneemt om haar verhaal op te bouwen. Dat zij dit kader tot in de puntjes beheerst is al sinds de eerste delen duidelijk. Maar als je Diana Mitford als hoofpersonage in het verhaal leidend maakt, dan kan je er als schrijfster niet omheen dat je ook niet te veel concessies moet doen aan hoe zij werkelijk was.

Diana Mitford wordt als een wat wereldvreemde schoonheid omschreven, die eigenlijk niet zo goed wist wat er in de wereld te koop was. Maar daar gaat de schrijfster toch een beetje ver in haar eigen interpretatie. Dat is natuurlijk haar goed recht omdat zij niet een historisch boek schrijft maar een roman en dan ook haar vrijheid kan nemen om dat gegeven wat te buigen. Het bevestigt alleen maar dat ze kunststukken moet uithalen om haar verhaal plausibel te maken.

Jessica Fellowes kan absoluut een fijn verhaal vertellen, maar ze heeft met dit derde deel het idee gegeven dat ze haar kruid aangaande de nazistische gedachten, die ontegenzeggelijk bij de familie Mitford aanwezig waren, te bewaren voor het vierde deel waar Unity Mitford het middelpunt is en zij en Diana dit gedachtegoed met verve naar buiten brachten.

En juist hier komt men als lezer in een grijs gebied. Waar bekende schrijvers en schrijfsters die historische feiten vermengen met fictieve feiten een balans weten te vinden in de geloofwaardigheid, blijft dat bij dit derde deel van de Mitford Moorden toch twijfelachtig.

De periode waarin het verhaal zich afspeelt ligt tussen 1928 en 1932. Dit is ook de periode van de Wall Street crash die er in Engeland ook heftig inhakt. Dit speelt echter maar zijdelings in dit verhaal mee, waarmee Fellowes verzuimt om een accurater beeld neer te zetten en eigenlijk kiest om een wat eigen omgeving te creëren.

De personages die Fellowes in haar verhaal laat opdraven zijn goed uitgewerkt en de hele setting van het verhaal is haar wel toevertrouwd. Ze weet haar lezers mee te nemen naar de door haar beschreven wereld waarin de adel in Engeland amechtig probeert om de veranderde tijden tegen te gaan.

De vertaling is voor rekening van Alexandra Raab van Canstein en kan de vergelijking met het originele Engelse boek goed doorstaan. Zij is vrij dicht bij het origineel gebleven en taalkundig zit het boek goed in elkaar.

Het lijkt net alsof Jessica Fellowes met Diana op een tussenpunt in De Mitford moorden is gekomen en dit boek eigenlijk een voorbode is op de echt opzienbarende verhalen. Want dat de zes zussen menig schrijver in de pen hebben laten klimmen is wel te zien aan het ontstellend aantal boeken die over deze familie Mitford is geschreven.

Diana is niet het beste deel van de drie die nu zijn uitgebracht, integendeel. Fellowes moet echt een tandje gas bijgeven om haar niveau van de eerste twee delen opnieuw te halen. Ze gaat in het volgende deel vanaf 1934 haar verhaal vertellen; dat belooft historisch een uitdaging voor haar te worden en kan ze voorkomen om niet met haar moorden in herhaling vervallen. We zijn benieuwd of ze haar niveau weer weet te bereiken.

Joop Hazenbroek

Wat vinden lezers...

Super Admin

25 mei 2024 15:51

0
Jessica Fellowes heeft met haar derde boek in de reeks De Mitford moorden geprobeerd om geschiedkundige feiten omtrent Diana Mitford samen te voegen met fictieve elementen. In de eerste twee delen van haar serie (lees hier onze recensies), die uiteindelijk in zes delen zal uitmonden, hebben Nancy en Pamela al hun deel gehad. De andere zussen volgen nog.

Diana Mitford is tijdens de Tweede Wereldoorlog de meest gehate vrouw in Engeland en dat met name om haar huwelijk met de leider van de British Union of Fascists en haar niet aflatende bewondering voor het nazisme. Maar uitgerekend dit deel van haar leven komt niet aan bod in De Mitford moorden: Diana van Jessica Fellowes. Haar verhaal begint in 1928 en eindigt in 1932 en juist daar zit de zwakte van dit verhaal. De tijdspanne waarin drie moorden worden gepleegd is te lang en zeker niet adequaat behandeld. Zo eindigt een hoofdstuk met een moord en direct daarop springt zij naar 2 jaar verder in de tijd. Zoals ook in de eerste twee boeken, worden de verhalen om het personage Louisa Cannon geschreven. In Diana speelt ze weer een prominente rol en lijkt het alsof ze telkens in vrij mysterieuze moorden wordt getrokken. Dat begint in het derde deel wat geforceerd over te komen.

Fellowes moet een kunststukje uithalen om de moorden die in een periode van drie jaren plaatsvinden, aan elkaar te kunnen knopen en dat gaat haar jammer genoeg niet zo goed af. Tijdens een feest van de rijke Guinness-familie in 1928 komt een van de bediendes door een val om het leven. De gebeurtenis wordt al snel afgeschreven als een tragisch ongeluk. Onder de aanwezigen bevindt zich ook Diana Mitford, van wie erfgenaam Bryan Guinness de afgelopen maanden erg gecharmeerd is geraakt.

Niet lang daarna vraagt hij haar ten huwelijk en in de jaren die volgen reist het stel een groot deel van Europa door, van Parijs tot Venetië en Berlijn. Een groep vrienden en familie reist met hen mee, evenals Louisa Cannon, dia als dienstmeisje Diana vergezelt. Als er meer mensen uit de kring rondom Diana en Bryan overlijden, begint Louisa te vermoeden dat de verschillende sterfgevallen met elkaar in verband staan en dat er misschien een moordenaar in het midden is.

Louisa Cannon is de smeerolie waarop de verhalen in de reeks draaien. Zij en haar aantrekkingskracht op de meest bijzondere moorden waar ze bij betrokken wordt en haar langeafstandsverhouding met Sergeant Guy Sullivan zijn de constanten in de verhalen. Louisa is nu net juist niet het prototype van de dienstmeid die men door de bank genomen omschrijft. Ze is intelligent en weet donders goed tot hoever zij haar tentakels kan uitsteken richting de adel waar ze dienst voor doet.

Aan het einde van Diana geeft Jessica Fellowes de lezers een naschrift/historische noot mee over de gebeurtenissen die zij in dit deel als kader meeneemt om haar verhaal op te bouwen. Dat zij dit kader tot in de puntjes beheerst is al sinds de eerste delen duidelijk. Maar als je Diana Mitford als hoofpersonage in het verhaal leidend maakt, dan kan je er als schrijfster niet omheen dat je ook niet te veel concessies moet doen aan hoe zij werkelijk was.

Diana Mitford wordt als een wat wereldvreemde schoonheid omschreven, die eigenlijk niet zo goed wist wat er in de wereld te koop was. Maar daar gaat de schrijfster toch een beetje ver in haar eigen interpretatie. Dat is natuurlijk haar goed recht omdat zij niet een historisch boek schrijft maar een roman en dan ook haar vrijheid kan nemen om dat gegeven wat te buigen. Het bevestigt alleen maar dat ze kunststukken moet uithalen om haar verhaal plausibel te maken.

Jessica Fellowes kan absoluut een fijn verhaal vertellen, maar ze heeft met dit derde deel het idee gegeven dat ze haar kruid aangaande de nazistische gedachten, die ontegenzeggelijk bij de familie Mitford aanwezig waren, te bewaren voor het vierde deel waar Unity Mitford het middelpunt is en zij en Diana dit gedachtegoed met verve naar buiten brachten.

En juist hier komt men als lezer in een grijs gebied. Waar bekende schrijvers en schrijfsters die historische feiten vermengen met fictieve feiten een balans weten te vinden in de geloofwaardigheid, blijft dat bij dit derde deel van de Mitford Moorden toch twijfelachtig.

De periode waarin het verhaal zich afspeelt ligt tussen 1928 en 1932. Dit is ook de periode van de Wall Street crash die er in Engeland ook heftig inhakt. Dit speelt echter maar zijdelings in dit verhaal mee, waarmee Fellowes verzuimt om een accurater beeld neer te zetten en eigenlijk kiest om een wat eigen omgeving te creëren.

De personages die Fellowes in haar verhaal laat opdraven zijn goed uitgewerkt en de hele setting van het verhaal is haar wel toevertrouwd. Ze weet haar lezers mee te nemen naar de door haar beschreven wereld waarin de adel in Engeland amechtig probeert om de veranderde tijden tegen te gaan.

De vertaling is voor rekening van Alexandra Raab van Canstein en kan de vergelijking met het originele Engelse boek goed doorstaan. Zij is vrij dicht bij het origineel gebleven en taalkundig zit het boek goed in elkaar.

Het lijkt net alsof Jessica Fellowes met Diana op een tussenpunt in De Mitford moorden is gekomen en dit boek eigenlijk een voorbode is op de echt opzienbarende verhalen. Want dat de zes zussen menig schrijver in de pen hebben laten klimmen is wel te zien aan het ontstellend aantal boeken die over deze familie Mitford is geschreven.

Diana is niet het beste deel van de drie die nu zijn uitgebracht, integendeel. Fellowes moet echt een tandje gas bijgeven om haar niveau van de eerste twee delen opnieuw te halen. Ze gaat in het volgende deel vanaf 1934 haar verhaal vertellen; dat belooft historisch een uitdaging voor haar te worden en kan ze voorkomen om niet met haar moorden in herhaling vervallen. We zijn benieuwd of ze haar niveau weer weet te bereiken.

Write your review!

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.